Hoofdpagina
Inleiding
Opdrachtgever vertelt ...
Ontwerper aan het woord
Projecten
Biografieën
Literatuur
Tentoonstelling

Colofon


Een tango voor het boek
Een interview met Paul Fentener van Vlissingen over Irma Boom

Dat ik Irma ontmoette, was een toevalligheid. Maar ik heb een stelling dat de belangrijke dingen in het leven niet van toeval zijn ontdaan. Ik had een idee van Joseph Beuys opgepakt: mensen met verschillende invalshoeken bij elkaar brengen voor een dialoog. Het leidde tot het congres ‘Art Meets Science and Spirituality in a changing Economy’, dat in 1990 gedurende vijf dagen plaatsvond in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Aan die open discussie werd deelgenomen door Nobelprijswinnaars, ondernemers en economen, kunstenaars en spirituele leiders, onder wie de Dalai Lama. Het zat bomvol. En daar was dus ook Irma Boom, om te kijken of er een boek van gemaakt kon worden. Het was liefde op het eerste gezicht.

Het jaar erop had ik met haar en met de kunsthistoricus Johan Pijnappel de eerste besprekingen over wat het SHV-boek zou worden. De chemie tussen Irma, Johan en mijzelf was buitengewoon. Ik heb toen tegen beiden gezegd: ‘Wij gaan een heel nieuwe dans maken, één die nooit eerder in Nederland en misschien in Europa is opgevoerd: ik ga jullie vragen iets te doen waarvan het eindproduct heel bijzonder is. Maar dat kunnen jullie alleen als jullie weten waaruit de SHV is voortgekomen. Elk huis staat namelijk gebouwd op zijn oudste steen.’ Het moet voor Irma en Johan een wonderlijke opdracht zijn geweest om zich eens niet eerst een paar weken maar een paar jaar te verdiepen in een onderwerp. Wat leeft daar bij de SHV, wat gebeurt daar, hoe is er de interactie tussen mensen, waar komen ze vandaan, waarom zitten ze in de kolen, waarom zitten ze in de Makro, waar worden nou de beslissingen genomen en hoe zit het dan met de privé-sfeer daaromheen? Er zijn ontzettend veel gesprekken in het bedrijf gevoerd en na een tijdje wist iedereen wie Irma en Johan waren. Zij werden er ook geconfronteerd met spanningen en irritaties, en met dingen die niet goed gingen. Zo ontstond het boek van binnenuit. Dat is natuurlijk een heel andere vorm van opdracht geven dan wanneer je zegt: ‘We willen een jubileumboek en hier zijn de 22 voorwaarden waaraan het moet voldoen; over twee maanden is er weer een vergadering’. Een totaal ander concept. Het is niet vruchtbaar als de opdrachtgever strikte instructies geeft hoe hij het eindproduct wil zien. En dat komt bij ondernemers natuurlijk nog wel eens voor want die zijn gewend instructies te geven en niet verschrikkelijk gewend tegengesproken te worden. Toch kom je nergens als je vasthoudt aan een beheersproject in plaats van een kunstzinnig project. Voor de vormgever is zo’n opdracht dan alleen een schnabbel.

Ik heb mijn hele leven een groot gevoel voor creativiteit gehad en weet mij volledig opgenomen in het denkproces van Irma. Het is een geweldige belevenis om met haar te werken. Vaak heb ik het gevoel dat ikzelf aan het boetseren ben maar ik ben wijs genoeg om te weten dat zíj mijn vingers voert. Ze heeft een bijzonder talent om haar vakkennis open te stellen voor een dialoog zonder je het gevoel te geven gemanipuleerd te worden. Je moet je ook juist willen laten manipuleren, omdat je anders niet tot die tango komt. Als de danspartners niet voor elkaar openstaan, als er geen perfecte harmonie is, eindigt het met blauwe plekken. Ik heb mijn werk met Irma altijd gezien als een buitengewone, bijna sensuele dans op het gebied van de typografie. Je bent soms bezig met heel emotionele zaken en de integriteit van Irma is zo hoog dat je die emoties op tafel durft te leggen. Dat zijn dan vaak emoties op het gebied van wat er wel of niet in kan staan. In een lange geschiedenis van een bedrijf gebeuren rampen en daar moet je voorzichtig mee omgaan. Je wilt geen mensen beschadigen maar tegelijkertijd integer blijven ten opzichte van het eindproduct.

Het SHV-boek is een enorme investering geweest in emotionaliteit en natuurlijk ook in tijd. Toen ik dit grote avontuur met mijn mededirecteuren besprak, heb ik gezegd: ‘Nou, van het budget heb ik geen idee. Het zal in ieder geval een bedrag met een flink aantal nullen zijn. Maar laten we eens kijken naar de output. Laten we kijken of we iets kunnen maken wat voor een eeuw of langer staat.’ Als iemand dan zei: ‘Dat kost wel wat’, antwoordde ik: ‘Maar het is nog lang niet zo duur als het bouwen van een kwart van een Makro, en we hebben honderden van die Makro’s.’

Paul van Vlissingen, The Eleonora’s first Atlantic crossing, 2003.Irma maakt vaak heel kleine boekjes om het gesprek als het ware open te maken. Zo ligt daar een klein boekje over een zeiltocht over de oceaan 1. Ik wilde eens die belevenis ervaren van drie weken lang alleen maar zeil, water en wind. Die eindeloze, eindeloze zee. Wat gebeurt er dan met je? Ik had tegen haar gezegd: ‘Ik maak elke dag een foto bij zonsopgang plus een aantekening in een kladje, en dat materiaal gaat naar jou toe. En dan komt uit die dialoog tussen ons — ik weet niet meer wie het eerst op het idee kwam: er moeten geen mensen in. De vondst van het schuurpapier voor de band van het buffelboek, dat resulteert ook weer uit zo’n dialoog 2. Omdat ik almaar praatte over de huid van die beesten kwam zij met dat idee. Irma voelt door dagenlang, wekenlang, maandenlang praten en bezig zijn haarscherp aan wat essentieel is bij de opdrachtgever en kan zo een spiegel voor hem zijn. Dat doet ze magistraal. Absoluut magistraal. Ik bezorg haar overigens vaak de grootste technische problemen. Ik hanteer de camera nog wel eens en dan wordt die arme Irma radeloos, omdat ze met mijn materiaal moet werken.

Irma Boom en Paul Fentener van Vlissingen, Langbroek, 2004.
Foto Steye Raviez.Ik verheug me er altijd op dat ik een paar uur met Irma door de bocht kan gaan over een boek. Het is inspirerend; het gaat soms tot diep in de nacht. Het werken met haar is absoluut een verslaving. We zijn intieme vrienden geworden: je kunt niet afstandelijk blijven als je dingen zo intensief samen doet. Op dit moment zijn we met twee boeken bezig. Over een tijdje pas gaan we weer praten over een nieuw project anders zouden we aan drie boeken tegelijk werken. En Irma moet ook nog andere dingen doen.



Noten
1 Paul van Vlissingen, The Eleonora’s first Atlantic crossing, 2003.
2 Met het ‘buffelboek’ wordt bedoeld: Paul Fentener van Vlissingen, Africa revisited, 2001.

(ML, september 2004)